Win-winlening niet populair in Limburg

Door Grete Remen op 10 juli 2018, over deze onderwerpen: Economie, KMO-beleid, Limburg, Ondernemen

Sinds 2015 hebben Limburgers voor 15,66 miljoen euro in (startende) ondernemingen van familieleden, vrienden of kennissen gestopt. Daarmee is de win-winlening, vergeleken met andere Vlaamse provincies, hier een stuk minder populair. De West-Vlamingen stoppen bijvoorbeeld meer dan dubbel zoveel van hun spaargeld in bedrijven. Dat blijkt uit een reeks parlementaire vragen van Grete Remen (N-VA) aan Vlaams minister van werk en economie Philippe Muyters.

Met de win-winlening moedigt de Vlaamse overheid particulieren aan om zogenaamde achtergestelde leningen aan kmo's te verstrekken met een looptijd van 8 jaar. Een kmo kan zo tot een bedrag van 200.000 euro aan win-winleningen aangaan, met een maximum van 50.000 euro per kredietgever. De kredietgever krijgt hiervoor een jaarlijks belastingkrediet van 2,5 procent op het openstaande kapitaal van de win-winlening. Als de kredietnemer niet kan terugbetalen, kan de kredietgever daarnaast 30 procent van het verschuldigde bedrag terugkrijgen via een eenmalig belastingkrediet. In de wandelgangen wordt dat wel eens financiering via family, friends & fools genoemd. “Het was vooral de bedoeling om een deel van die berg spaargeld - 250 miljard euro - aan te wenden voor de financiering van de economie”, zegt Grete Remen.

Niet zot genoeg?

Zijn de Limburgers net niet zot genoeg, of bekijken we dit soort alternatieve financiering/belegging eerder met argusogen? Uit de resultaten blijkt alvast dat Limburg achterop hinkt in het gebruik ervan. Sinds 2015 hebben Limburgse kmo's via de win-winleningen in totaal 15,66 miljoen euro aan krediet aangetrokken. De West-Vlamingen zijn koploper met een totaal van ruim 48 miljoen euro (zie infografiek).

Ook gemeten per inwoner blijft het aandeel van de Limburgers erg laag. De Limburger besteedt gemiddeld 18,2 euro aan dit soort financiering. Voor de West-Vlaming is dat 41 euro. Meer dan het dubbele dus. De meest voorkomende financiers zijn over het algemeen vader (27,7 procent), moeder (22, procent), kennissen (18,3 procent) en schoonfamilie (12,9 procent). Ondertussen zijn ook de eerste investeerders opgedoken (3,6 procent).

Kapitaal

Grete Remen trok voor een verklaring naar Unizo Limburg. “Vergeleken met West-Vlaanderen heeft Limburg historisch gezien minder kapitaal kunnen opbouwen. Het ondernemerschap is in West-Vlaanderen ook beter ingeburgerd. En bovendien zijn er ook minder kmo's in Limburg”, voert gedelegeerd bestuurder Bart Lodewyckx van Unizo Limburg aan.

Toch blijkt de win-winlening ook voor Limburgse kmo's een welkome vorm van financiering. “Zeker als je het vergelijkt met populaire KlimOp-leningen van LRM”, zo heeft Patrick Buteneers van Unizo Limburg berekend. “Ze vullen elkaar goed aan. In een vergelijkbare periode heeft LRM 20 miljoen aan KlimOp-leningen toegekend, gespreid over 126 dossiers. Dat is gemiddeld 158.000 euro per dossier. Voor de win-winleningen is dat 15,66 miljoen, goed voor 707 kmo's. Ofwel gemiddeld 22.000 euro per dossier.”

Groei

Er is dus nog ruimte voor groei. “We moeten zowel de Limburger sensibiliseren als de Limburgse ondernemer beter informeren”, aldus Grete Remen. “Het provinciebestuur kan hier een belangrijke rol spelen, samen met Vlaio.” Unizo Limburg wil de boodschap verspreiden via de tweewekelijkse infosessies voor starters. “Want ook voor starters kan de win-winlening interessant zijn”, aldus nog Lodewyckx.

Platformen voor vraag en aanbod: www.crofun.com en www.winwinner.be

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is