“Desnoods maken ze mij maar minister van Ondernemen”

Door Grete Remen op 26 november 2018, over deze onderwerpen: Economie, KMO-beleid, Ondernemen, Oneerlijke handelspraktijken

Brussel - “Ik ben blij dat ministers Kris Peeters (CD&V) en Daniel Ducarme (MR) eindelijk in gang zijn geschoten om kleine bedrijven beter te beschermen tegen het machtsmisbruik van grote spelers”, zegt Vlaams Parlementslid Grete Remen (N-VA). Maar de besprekingen tussen de regeringspartners over die nieuwe wetgeving lopen nog en het is nog niet zeker of die wel goed uitdraaien voor de kleine bedrijven, zo valt in de wandelgangen te horen.

“Kris Peeters heeft al van alles gedaan om de consument te beschermen, maar ook de kleine bedrijven moeten worden beschermd”, zegt Grete Remen. “Want grote bedrijven veranderen de contracten met kleine bedrijven vaak terwijl ze nog lopen en kleine bedrijven hebben schrik om dat aan te vechten voor de rechter. In het begin van deze legislatuur heb ik dit probleem op tafel gelegd bij N-VA, want het is ook om de kleine bedrijven te beschermen dat ik in de politiek ben gestapt. Maar die wetgeving is federaal, dus ons wetsvoorstel dat daar over ging is in 2015 ingediend in de Kamer. Daarom zou ik volgende keer ook graag in de Kamer zitten. Wat we nodig hebben is een minister van Ondernemen. Die hebben we niet en ook mijn partijgenoot en Vlaams minister Philippe Muyters heeft die macht niet. Hij is bevoegd voor innovatie, maar dat is toch vooral een subsidie-economie, die ook nog eens de markt ontwricht. Ik ben kandidaat om minister van Ondernemen te worden. Dat zeg ik met een knipoog, maar ik ben tegelijkertijd ook serieus.”

Scheidsrechter

“Peeters is nu eindelijk met die wetgeving bezig. Daar ben ik blij mee, alleen hoop ik dat er ook een onafhankelijke en neutrale toezichthouder komt die handelsrelaties tussen grote en kleine spelers observeert en bij inbreuken ook sanctioneert”, zegt Remen. “Voor voeding is er al een Europese richtlijn die oneerlijke handelspraktijken regelt. Te laat betalen voor verse levensmiddelen, orders op het laatste moment annuleren, contracten eenzijdig of met terugwerkende kracht wijzigen… het zijn allemaal zaken die niet kunnen. De richtlijn verplicht de lidstaten ook om een overheidsinstantie aan te wijzen die de nieuwe regels opvolgt. Dit is een uitgelezen kans om op nationaal niveau een algemeen kader te creëren.”

Mededingingsautoriteit

Vicepremier Kris Peeters (CD&V) zei deze week in de Kamer dat in het wetsontwerp, dat nu door de regering wordt besproken, de controle over misbruik van economische afhankelijkheid toekent aan de onafhankelijke Belgische Mededingingsautoriteit.

Unizo heeft daar vragen bij. Want die Mededingingsautoriteit is nu al onderbemand. Maar dat spreekt Peeters tegen. “Ze hebben de voorbij twee jaar al vijftien mensen extra in dienst mogen nemen en er is afgesproken dat ze ook voor hun nieuwe rol meer middelen krijgen”, zegt Peeters' woordvoerder.

“Vandaag is het erg moeilijk om een beroep te doen op het mededingingsrecht. Je moet bijna een monopolie kunnen bewijzen”, zegt Bart Lodewyckx van Unizo. “Daarom dat in het wetsontwerp nu het nieuw begrip 'economische afhankelijkheid' wordt ingevoerd. Neem nu een bakker die altijd levert aan een supermarkt die ook zijn enige klant is en daarvoor grote investeringen doet. Op een bepaald moment zegt de supermarkt dat ze wel zelf gaan bakken en gaat de kleine bakkerij failliet. Wat ook in het wetsontwerp staat is een zwarte lijst van een vijftal clausules die altijd verboden zullen zijn, zo kan een grote speler bijvoorbeeld niet meer in zijn eentje bepalen of de geleverde goederen overeenkomen met wat besteld is.”

“Absurd”

Maar achter de schermen valt ook te horen dan Remens eigen partij nog niet meteen geneigd is om het nieuwe begrip van economische afhankelijkheid goed te keuren.

N-VA zou Comeos, de vertegenwoordiger van de grote ketens, volgen. “Als dat al zo zou zijn, dan ga ik daar zeker tegenin”, belooft een strijdvaardige Remen.

“Dat concept van economische afhankelijkheid kan voor ons niet”, zegt Hans Cardyn, woordvoerder van Comeos. “De situatie vandaag is als volgt: leverancier A levert yoghurt aan supermarktketen X. Na een paar maanden kan supermarkt X tegen A zeggen dat het geen yoghurt meer bij A wil kopen omdat de klanten de yoghurt niet meer willen vanwege de slechte kwaliteit. Dat zal niet zomaar kunnen met de nieuwe wet. De supermarkt zal eerst moeten nagaan of leverancier A voldoende andere afnemers heeft voor zijn yoghurt. Als dat niet het geval is, mag het contract niet verbroken worden, want dan is het misbruik van machtspositie. Dat is absurd. Het is niet de taak van supermarkten om na te gaan of al hun leveranciers voldoende afzetmogelijkheden hebben.”

Ook Kris Peeters geeft toe dat er nog veel discussie is over het misbruik van economische afhankelijkheid. “Zowel Comeos als het VBO hebben daar vragen over, terwijl Unizo en Traxio het voorontwerp wel steunen”, zegt zijn woordvoerder. “De delen over oneerlijke marktpraktijken blijven in elk geval behouden.”

Liliana CASAGRANDE

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is